Verzengend

Op zolder verstopte onderduikers
bleven luchtdicht onderdak.
De oorlog broeide.
Wollen broeken,
hooggesloten deugdelijke overhemden
plakten in natte plekken tegen lijf en leden.
IJs was niet voorhanden,
hooguit wat water om matras te besproeien
alvorens daarop plakkend wakker te liggen
bij het geluid van Spitfires,
bommenwerpers
en muggen.

In alle ellende
Warnsvelds trots:
Nooit werd het weer zo warm.
Al deed de mensheid alles
om de aarde op te warmen.
Al smelten kappen en luiden klokken van hoge nood.
Al zijn er zomers waarin wijzelf ook langzaam smelten
en mussen het vliegen door vallen vervangen.
In de tuin van Thate zingen de vogels onversaagd.
De klok van de Martinuskerk
beiert door zinderende hitte.
Puffend een momentje zitten
opdat die piek niet opnieuw gemeten zal…
Warnsveld, het warmst van al…

Tot de lucht zwol. Elke stap, één te veel.
Als dichte dekens zakten de dagen.
Gedachtes bleven krakend hangen, halverwege.
Tot daar.

© Merel Hubatka, stadsdichter Zutphen 2019 –
Een gedicht geschreven en voorgedragen, in opdracht van de organisatie van het landelijk warmterecord en Hittefeest in Warnsveld op 23 augustus 2019.